« Alle nieuwsberichten

Uitbreiding vrijstelling van voorzieningen voor dubieuze “Corona” debiteuren

Als gevolg van de Coronacrisis en de daarmee gepaard gaande economische gevolgen, zullen vele ondernemingen zeer wellicht te kampen krijgen met openstaande handelsvorderingen wegens zogenaamde “dubieuze debiteuren”. Een voorziening voor dubieuze debiteuren is echter niet automatisch fiscaal aftrekbaar. Op 23 maart 2020 publiceerde de Belgische fiscus een circulaire die bevestigt dat de voorziening van dubieuze debiteuren als gevolg van de Coronacrisis mag vrijgesteld worden. Wat houdt dit precies in?

Het valt niet uit te sluiten dat het Coronavirus en de maatregelen genomen door de diverse overheden onvermijdelijk zullen leiden tot nadelige gevolgen inzake liquiditeit en solvabiliteit voor heel wat ondernemingen. Immers, de kans is zeer reëel dat je onderneming wordt geconfronteerd met geen of laattijdige betalingen van handelsvorderingen en je bijgevolg genoodzaakt bent hierop een waardevermindering te boeken. Zonder verder in detail te treden, geven wij mee dat het onderstaande ook grosso modo geldt voor natuurlijke personen die hun beroepsactiviteiten uitoefenen onder de vorm van een eenmanszaak en die dus belastbaar zijn op hun winsten in de personenbelasting.

Voorziening voor dubieuze debiteuren

Vanuit een breder kader heeft de wetgever reeds in het verleden onder bepaalde voorwaarden een vrijstelling van waardeverminderingen op handelsvorderingen voorzien. Mits bepaalde voorwaarden cumulatief voldaan zijn, kan de vennootschap een vrijstelling van de waardeverminderingen op handelsvorderingen opnemen in haar aangifte vennootschapsbelasting (“VennB”) en wordt deze aldus beschouwd als een fiscaal aftrekbare beroepskost.

Opdat zulke waardevermindering voor dubieuze debiteuren kan beschouwd worden als een vrijgestelde reserve moet ze geboekt zijn om (i) het hoofd te bieden aan scherp omschreven beroepsmatige verliezen die volgens de aan de gang zijnde gebeurtenissen waarschijnlijk zijn en (ii) die het gevolg zijn van buitengewone omstandigheden die zich voordeden tijdens het boekjaar waarin de waardevermindering is geboekt.

Bijgevolg moet de vennootschap de bijhorende commerciële afwaarderingen op handelsvorderingen op individuele basis kunnen identificeren in de BE GAAP rekeningen, en de dubieuze aard daarvan kunnen aantonen. Een loutere algemene afwaardering van handelsvorderingen wordt dus niet aanvaard als een fiscaal aftrekbare beroepskost. Vervolgens zal de vennootschap ook nog een opgave 204.3 dienen toe te voegen bij de VennB aangifte m.b.t. het boekjaar waarin de waardevermindering werd geboekt. Zulke opgave dient een gedetailleerd overzicht te bezorgen van elke vordering, de identiteit van de schuldenaar, enz.

Uitbreiding voor dubieuze Corona debiteuren

Welnu, ten gevolge van de huidige COVID-19 crisis heeft de Belgische fiscus via een recente circulaire (nr. 2020/C/45) het toepassingsgebied van de vrijstelling van waardeverminderingen op handelsvorderingen uitgebreid naar dubieuze debiteuren die (on)rechtstreeks getroffen worden door de overheidsmaatregelen. Echter, ook in zulke situatie zal uw onderneming iedere schuldenaar met solvabiliteitsproblemen gepast moeten identificeren en verdere toelichting moeten voorzien in de opgave 204.3. De circulaire laat wel uitschijnen dat er enige soepelheid kan gehanteerd worden bij de beoordeling van inningsproblemen bij de schuldenaar waarvan de omzet aanzienlijk is afgenomen door de beperkende overheidsmaatregelen. Desalniettemin blijft het zaak om tijdig en correct de nodige informatie te verzamelen omtrent alle dubieuze debiteuren waarmee belastingplichtige geconfronteerd wordt.

Contacteer

Kurt De Haen

E: kurt.dehaen@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60

Wouter Brackx

E: wouter.brackx@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60