« Alle nieuwsberichten

Impact van multilateraal instrument in België vanaf 2020

Op 7 juni 2017 heeft België, samen met 67 andere landen, het OESO Multilateraal Instrument (MLI) formeel getekend in Parijs. Op 6 mei 2019 hebben alle 6 wetgevende machten in ons land het MLI eindelijk formeel geratificeerd. Bijgevolg zal het MLI in België in werking treden ten vroegste vanaf 2020. Wat betekent dat nu precies?

Wat is MLI?

Het MLI resulteert uit Actiepunt 15 van het OESO BEPS Rapport. BEPS staat voor Base Erosion Profit Shifting en komt in essentie neer op een rapport uitgevaardigd door de OESO om “agressieve internationale tax planning” te bestrijden en te ontmoedigen. De fundamentele doelstelling van MLI bestaat erin om de meer dan 3.000 dubbelbelastingverdragen wereldwijd aan te vullen of te wijzigen middels één collectief dubbelbelastingverdrag, t.w. het MLI. Bijgevolg zal de fiscus in ieder land nu veel meer flexibiliteit hebben om “agressieve” grensoverschrijdende structuren te betwisten omdat niet langer gewacht moeten worden tot een bestaand dubbelbelastingverdrag is gehernegotieerd. Immers, de praktijk heeft reeds veelvuldig aangetoond dat zulke internationale onderhandelingen zeer tijdrovend zijn.

Hoe werkt het?

De meest fundamentele impact van het MLI voor de dagelijkse praktijk is dat internationale fiscale vraagstukken voortaan met nog meer zorg en oog voor detail onder de loep genomen moeten worden. Het analyseproces is als volgt samen te vatten:

  • Als fundamentele voorafgaande opmerking: gelet op de zgn. wederkerigheidsvoorwaarde die moet voldoen zijn om een verdragsregel te kunnen wijzigen, kan het MLI slechts concrete uitwerking hebben wanneer deze tekst formeel is geratificeerd in beide verdragsluitende Staten die betrokken zijn bij de grensoverschrijdende transactie. Momenteel zijn ongeveer 50% van de dubbelbelastingverdragen die België heeft afgesloten begrepen in de MLI toepassingssfeer aangezien de MLI is geratificeerd in zowel België als elk van de respectievelijke verdragspartners;
  • Zoals nu reeds het geval is, moet in eerste instantie het bilateraal dubbelbelastingverdrag geanalyseerd worden om inzicht te krijgen in de fiscale behandeling van een grensoverschrijdende transactie;
  • Daarenboven zal de belastingplichtige moeten nagaan of dat dubbelbelastingverdrag formeel geratificeerd is als een zgn. Covered Tax Agreement in beide verdragsluitende landen. Op die manier bevestigt de plaatselijke fiscus dat een specifiek dubbelbelastingbedrag begrepen is in de toepassingssfeer van het MLI. Tot nader order zijn de dubbelbelastingverdragen die België heeft afgesloten met o.a. Duitsland, Noorwegen, Zwitserland en Japan nog niet formeel bekrachtigd als Covered Tax Agreements. In augustus 2019 waren ongeveer 100 bilaterale dubbelbelastingverdragen reeds geratificeerd als Covered Tax Agreements;
  • Ten slotte zal de belastingplichtige moeten nagaan of de fiscus van één van beide verdragsluitende Staten een bijzondere positie (b.v. bezwaar heeft geuit) heeft ingenomen m.b.t. sommige MLI regels. Als de fiscus een bezwaar zou geuit hebben tegen bepaalde MLI regels, dan kunnen deze geen uitwerking hebben. In tegenstelling tot wat het geval is voor de zgn. BEPS minimum standaarden die verplicht na te leven zijn, zijn sommige MLI bepalingen loutere aanbevelingen die bijgevolg niet verplicht op te nemen zijn in een toepasbaar bilateraal dubbelbelastingverdrag. Zulke optionele regelgeving is dan slechts van toepassing wanneer beide verdragsluitende Staten de implementatie ervan formeel hebben aanvaard. Zo niet is enkel het dubbelbelastingverdrag aan zet.

Principal Purpose Test

Om misbruik van dubbelbelastingverdragen te bestrijden, heeft het MLI een revolutionaire en innovatieve nieuwe fiscale maatregel ingevoerd, t.w. de Principal Purpose Test (PPT). In essentie komt deze neer op een subjectieve test om na te gaan of één van de doorslaggevende beweegredenen van een transactie bestaat uit het behalen van verdragsvoordelen, b.v. een verlaagde bronheffing of zelfs een vrijstelling van bronheffing. Welnu, bij toepassing van de PPT zal de lokale fiscus het recht hebben om dat verdragsvoordeel te weigeren wanneer, na analyse van alle feiten en omstandigheden van een specifieke casus, er redelijkerwijze kan besloten worden dat de belastingplichtige er vooral op uit was om een verdragsvoordeel te genieten wanneer hij een bepaalde handeling op het getouw zette.

Het moet benadrukt worden dat de PPT een BEPS minimum standaard is en daarom door de lokale fiscus verplicht na te leven is. De lokale fiscus kan enkel nog een verdragsvoordeel toekennen wanneer er is aangetoond dat dit niet in strijd is met de ratio en de doelstellingen van de toepasbare dubbelbelastingverdragsregels.

Een aantal relevante internationale fiscale topics geaffecteerd door het MLI

Zonder in detail te treden, zal het MLI voortaan een significante impact hebben op de volgende grensoverschrijdende fiscale aangelegenheden:

  • De definitie van vaste inrichting wordt versoepeld en dus uitgebreid qua toepassingssfeer. Dat zal in het bijzonder het geval zijn voor verkoopagenten casussen, principaal – commissionair structuren, “verbonden” werven en activiteiten die door verbonden partijen worden uitgevoerd in één specifiek land;
  • MLI wil de bestaande procedures van fiscale rechtsgeschillen en fiscale arbitrage verbeteren;
  • MLI zoemt in op concrete topics zoals dubbel inwonerschap, dividenduitkeringen, gerealiseerde meerwaarden op aandelen van vastgoedvennootschappen, enz.

Inwerkingtreding in België

Nu het ratificatieproces is afgerond in België, zal het MLI in België als volgt fiscale uitwerking kennen, uiteraard onder voorbehoud van het administratieve goedkeuringsproces in de respectievelijke andere landen:

  • 1 januari 2020 wat bronheffingen betreft;
  • 1 maart 2020 wat andere belastingen betreft.

Het spreekt voor zich dat het MLI een forse impact zal hebben op de wijze waarop internationale fiscale vraagstukken en in het bijzonder de toepassing van dubbelbelastingverdragen vanaf ten vroegste 2020 moeten geanalyseerd worden. De analyse zal ongetwijfeld complexer worden vermits meerdere rechtsbronnen zorgvuldig moeten geraadpleegd worden. Ten slotte is het MLI een evolutief grensoverschrijdend gegeven aangezien verschillende fiscale rechtsgebieden deze teksten formeel moeten ratificeren en een bezwaar of andere bijzondere positie kunnen innemen m.b.t. welbepaalde MLI regels.

Contacteer

Kurt De Haen

E: kurt.dehaen@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60

Wouter Brackx

E: wouter.brackx@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60