« Alle nieuwsberichten

Hoe het forfaitair bedrag van het voordeel van alle aard berekenen in geval van private bijdrage?

Volgens Belgisch belastingrecht worden bepaalde voordelen forfaitair gewaardeerd. Echter, in bepaalde gevallen betaalt de begunstigde van het voordeel van alle aard een private bijdrage aan de werkgever die het voordeel toekent. De vraag stelt zich dus in welke mate deze private bijdrage de belastbare basis van het voordeel verlaagt of misschien zelfs de belastbare basis wegstreept. Recente rechtspraak schijnt een interessant nieuw licht op deze materie.

Het komt vaak voor dat bv. een werknemer of bestuurder een voordeel van alle aard (“VAA”) geniet wat wordt gefinancierd door zijn of haar werkgever. Traditionele voorbeelden zijn gratis huisvesting, een bedrijfslening, etc. Omdat er een duidelijk causaal verband is tussen het voordeel en de beroepsrelatie tussen werkgever en begunstigde, ontstaat er een VAA voor belasting doeleinden. Dit VAA is onderworpen aan progressieve Belgische personenbelasting tarieven (max. 50%) en meestal ook aan Belgische sociale zekerheid. Echter, volgens de Belgische belastingwetgeving wordt de belastbare basis van sommige van deze VAA gewaardeerd op forfaitaire basis.

Anderzijds betaalt de begunstigde van het voordeel in sommige gevallen een private bijdrage uit zijn of haar netto loon aan de werkgever.

Ter zake is het de traditionele zienswijze van de Belgische fiscus dat, om een belastbaar VAA te vermijden, de begunstigde een private bijdrage moet betalen gelijk aan minstens de forfaitaire belastbare basis van het VAA. Met andere woorden en in de veronderstelling dat het forfaitair VAA EUR 1.000 is terwijl de begunstigde een private bijdrage doet van EUR 700, is de belastbare basis EUR 300.

Echter, recente Belgische rechtspraak is het niet eens met deze interpretatie van de Belgische fiscus:

  • Op 17 november 2017 heeft de rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen gevonnist dat als een bestuurder een marktconforme huur betaalt aan een vennootschap / verhuurder, er geen belastbaar VAA ontstaat, zelfs als de eigenlijke huur lager is dan het forfaitair VAA;
  • Op 28 mei 2019 oordeelde het Hof van Beroep van Antwerpen dat als een bestuurder een marktrente betaalt aan een vennootschap die hem geld geleend heeft, er geen belastbaar VAA ontstaat, zelfs als de eigenlijke rentevoet lager is dan deze met het oog op berekening van het forfaitair VAA.

Als vennootschappen extralegale voordelen aanbieden aan werknemers en bestuurders, kunnen ze overwegen om de begunstigde een private bijdrage te laten betalen gelijk aan een marktconforme vergoeding. In dat geval en op basis van recente rechtspraak, zijn er argumenten om te verdedigen dat geen belastbaar VAA ontstaat!