« Alle nieuwsberichten

Btw-aftrek bij mislukte overname

Het Hof van Justitie heeft al meerdere keren bevestigd dat een holding een recht op aftrek kan laten gelden op de kosten met betrekking tot de verwerving van een participatie, op voorwaarde dat zij zich actief mengt in het beheer van deze participatie. Maar in welke mate kan er recht op btw-aftrek gelden als een geplande verwerving van een participatie uiteindelijk niet doorgaat? Is de btw op de gemaakte kosten dan aftrekbaar?

Recent heeft het Hof van Justitie (C-249/17) bevestigd dat de btw over kosten die zijn opgelopen met het oog op de overname van de aandelen aftrekbaar is, zélfs indien de overname is afgesprongen, weliswaar op voorwaarde dat kan worden aangetoond dat er een reële intentie was om zich actief te mengen in het beheer van deze participatie. Dergelijke voorbereidende handelingen moeten immers eveneens tot de economische activiteit worden gerekend. De kosten vinden in dergelijke situatie wel degelijk hun oorzaak in een geplande btw-belastbare activiteit.

Deze beslissing van het Hof van Justitie ligt in lijn met eerdere rechtspraak, maar het legt wel een pijnpunt bloot in de bewijslast met betrekking tot het recht op btw-aftrek. Een partij die een overname van aandelen plant steekt veel energie in het due diligence proces, de onderhandelingen, de financiering, de structurering, enz. Het verzamelen van objectieve bewijzen van de intentie om zich actief te mengen in het beheer van de geplande participatie staat doorgaans niet op het to-do lijstje. Als zo’n transactie dan uiteindelijk niet doorgaat is het moeilijk om achteraf nog voor dergelijke objectieve bewijzen te zorgen. Door hier tijdens het acquisitieproces meer aandacht aan te besteden, kan vermeden worden dat de btw een bijkomende kost vormt als de transactie uiteindelijk toch niet doorgaat.