« Alle nieuwsberichten

“Eigen werk” verplicht te activeren op balans?

Op 25 juni 2020 oordeelde het Hof van Cassatie dat "eigen werk" dat door een vennootschap wordt uitgevoerd, moet worden geactiveerd op de balans van de vennootschap en vervolgens moet worden afgeschreven voor zowel BE GAAP als fiscale doeleinden over de economische levensduur van het betrokken actief. Zo niet, ontstaat er een “verdoken reserve” voor vennootschapsbelastingdoeleinden.

De feiten kunnen als volgt worden samengevat: BelCo had een pand laten bouwen op een stuk grond. Dit bouwproject werd door BelCo uitbesteed aan een 3de partij aannemer, zij het dat zowel de BelCo bestuurder als enkele BelCo medewerkers hadden meegewerkt aan de bouw. BelCo activeerde de overeenkomstige kosten van dergelijk “eigen werk” niet op balans. Volgens de fiscus moeten de kosten voor “eigen werk” die werden opgenomen in de P&L van BelCo worden beschouwd als een “verdoken reserve” voor vennootschapsbelastingdoeleinden en dienovereenkomstig worden toegevoegd aan de belastbare basis van BelCo. Uiteraard kan BelCo deze verdoken reserve vervolgens detaxeren over de resterende gebruiksduur van het gebouw, waardoor de toekomstige belastbare basis van BelCo overeenkomstig verlaagd wordt.

Omtrent een “verdoken reserve”

Volgens de belastingwetgeving kan een “verdoken reserve” worden toegevoegd aan de belastbare basis van een vennootschap als activa ondergewaardeerd of als passiva overgewaardeerd zijn. Volgens de administratieve commentaren van de fiscus op het Wetboek van Inkomstenbelasting kan er enkel een verdoken reserve ontstaan ​​als de boekhoudwetgeving werd overtreden. Op dit punt moet, overeenkomstig artikel 3:13 van het Koninklijk Besluit tot uitvoering van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen, een actief worden geboekt tegen “aanschaffingswaarde”, wat ofwel de “aankoopprijs”, de “vervaardigingsprijs” of de “inbrengwaarde” kan zijn.

Uitspraak van het Hof van Cassatie van 25 juni 2020

Toegepast op de onderhavige zaak concludeerde het Hof van Cassatie dat de kosten die overeenstemmen met het “eigen werk” van de bestuurder en medewerkers van BelCo moeten worden beschouwd als onderdeel van de “vervaardigingsprijs” van het gebouw. Als gevolg hiervan had dit bedrag moeten worden geactiveerd op de balans van BelCo. Als dat niet het geval is, ontstaat er een verdoken reserve voor vennootschapsbelastingdoeleinden. Voor de volledigheid, het Hof van Cassatie voegde nog toe dat alleen indirecte vervaardigingskosten geheel of gedeeltelijk kunnen worden uitgesloten van de vervaardigingsprijs indien deze gerechtvaardigd worden in de toelichting bij de BE GAAP jaarrekening.

Vennootschappen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting dienen rekening te houden met deze beslissing van het Hof van Cassatie als ze aanzienlijk eigen werk verrichten. Tenzij ze een zeer sterk en overtuigend BE GAAP argument hebben om de overeenkomstige kosten niet te activeren op balans, zal de fiscus waarschijnlijk de belastbare basis dienovereenkomstig aanpassen.

Contacteer

Kurt De Haen

E: kurt.dehaen@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60

Wouter Brackx

E: wouter.brackx@pkf-vmb.be
T: +32 (0)2 460 09 60